Ik herinnerde mij vandaag toevallig een nachtmerrie die ik toen ik (denk ik) tussen de 4 en 10 jaar oud was, regelmatig had.

Het is een droom waarbij ik in een donkere omgeving (nacht, zonder sterren en maan, maar wel genoeg licht om te zien), mezelf op een modderige helling bevond.

Een groot rotsblok stond op het punt om omlaag te komen vallen/glijden, op een meter of 10-15 van mij vandaan. Deze rots zou mij niet raken maar dus op die afstand langs komen donderen.

Op het moment dat ik die afstand naast mij inschat en mijn blik van de rots naast mij richt, zie ik een grote bloem en kleine bloem naast mij op de helling, mijn moeder en zusje. Een golf van angst komt over mij als ik besef dat de rots op het punt staat naar beneden te komen en hen te verpletteren. Een nog grotere golf van angst komt over mij als ik besef dat ik vast zit in de modder op de helling.

Met alles wat ik in mij heb, probeer ik los te komen en ze te redden, maar het is niet genoeg.

Net voordat ze door de rots worden geplet, is mijn vader daar, sterk en krachtig en hij stopt de rots voordat mijn moeder en zusje worden verpletterd.

Eind goed al goed zou je zeggen, maar ik schrok altijd wakker op dat moment, voordat het besef van eind goed al goed binnen drong. En ik bleef met het gevoel van niet goed genoeg zijn, zitten.

Ik heb de nachtmerrie nog 1 of 2 keer gehad na mijn tiende levensjaar, en had het idee dat het minder impact op mij had.

Hoe dit van invloed is geweest op mijn eigenwaarde vandaag de dag, durf ik niet te zeggen. Ik vermoed dat dit wel een aandeel heeft gehad. En dat ik deze nachtmerrie recent ineens herinnerde, zegt ook wel wat over hoe ik mij nu voel.

Ik merk ook dat ik bijna de hele dag mijn tanden op elkaar klem, en soms zelfs knars.

Waarom kom ik niet van dat malen in mijn gedachten af? Er is iets wat nog niet verwerkt is, maar wat...